Een woedende interventie in Arnhem

Toen kort na de bevrijding van Nederland eenmaal duidelijk werd dat de vooroorlogse verkaveling van de Nederlandse samenleving in katholieke, protestantse en liberale ‘zuilen’ in ere werd hersteld, werd Louis Frequin als jonge hoofdredacteur van De Gelderlander een felle voorvechter van de katholieke zaak. Getuige bijvoorbeeld een openingsartikel in De Gelderlander van 1 juni 1946, waarin hij ageerde tegen pogingen van protestantse zijde om de benoeming van zijn katholieke vriend Chris Matser tot burgemeester van Arnhem tegen te houden. Hieronder de originele tekst.

Liever Turksch dan Paapsch

Door Louis Frequin

Het was voor ingewijden geen geheim, dat de heer Chr. Matser, die sedert de bevrijding als waarnemend burgemeester van Arnhem optreedt, ernstig als candidaat genoemd werd om officieel in deze functie benoemd te worden. De heer Matser bestaat het echter om katholiek te zijn, en dat beteekent anno 1946 voor bepaalde groepeeringen in Nederland nog altijd iets, dat zich maar kwalijk met het Nederlanderschap laat vereenigen. Men mag misschien bij dergelijke lieden om burgemeester van een groote gemeente te worden van alles zijn, hetzij loge-man, een afgetakeld begrip uit den feodalen tijd of een maatschappelijke mislukkeling mits voorzien van titel en liberale relaties, maar …. een Katholiek die getoond heeft wat hij waard is! Neen, dat nooit! Dan liever turksch, maar nooit geen katholiek! Nooit paapsch!!!

Het openingsartikel uit De Gelderlander van 1 juni 1946.

Wie meenen mocht, dat een dergelijke mentaliteit na vijf jaren bezetting, voorbij was, waarin katholieken in verknochtheid aan Koningin en Vaderland menig niet-katholiek (én protestant) vóórgingen, vergist zich deerlijk. Het bewijs werd dezer dagen op een alleronbeschaamdste wijze geleverd.

Het begon met een bericht in het liberale blad ‘De nationale Rotterdammer’ hetwelk ter oore was gekomen, dat binnenkort de benoeming te verwachten was van het pas gekozen R.K. Tweede Kamerlid Chr. G. Matser tot burgemeester van Arnhem. Het blad gaf er het volgende commentaar bij: ‘Hebben wij het wel, dan heeft de ministerraad op een tijdstip, waarop het kabinet reeds demissionair was, besloten deze benoeming te bevorderen. Dit in afwijking van de desbetreffende voordracht van den Commissaris der Koningin in Gelderland.’

Aldus het al te doorzichtige commentaar van het liberale blad, welk commentaar prompt gevolgd werd door een brief van de kerkeraden der Ned. Hervormde Gemeente en Gereformeerde kerk te Arnhem, die eenvoudig een onbeschaamde beleediging aan het adres der katholieken is.

*

Namens de genoemde kerkeraden deden de Scribae Hak en Schouten aan H.M. de Koningin, den minister President prof. W. Schermerhorn en den minister van Binnenlandse Zaken , dr. L. Beel, het volgende schrijven toekomen:

‘Groote bevreemding is in het niet-katholieke deel der Arnhemsche bevolking gewekt door het bericht in één der groote bladen dat binnenkort de benoeming van den waarnemend Burgemeester C.G. Matser tot burgemeester van Arnhem is te verwachten.

De Kerkeraden van de verschillende Protestansche kerken in Arnhem maken zich tot tolk van deze stemming, welke voortspruit niet zoo zeer uit bezwaren tegen de persoon van den heer Matser noch tegen de wijze waarop hij het Burgemeestersambt heeft waargenomen, maar uit het feit dat deze benoeming niet in overeenstemming zou zijn met de godsdienstige gevoelens en de geestelijke richting van het overgroote deel der burgerij.

Waardeering voor het goede dat de waarnemend Burgemeester heeft verricht, mag hen niet weerhouden van de plicht om ter allerhoogste plaatse enrstig bezwaar in te brengen tegen de benoeming van een katholiek tot Burgemeester in deze gemeente, waarvan de groote meerderheid der ingezetenen tot een der Protestansche kerken behoort, althans niet den Roomsch-katholieken godsdienst belijdt, en die zeer stellig geen uitgesproken Roomsch-katholiek karakter draagt.

Zij verzoeken Uwe Majesteit en Uwe Excellenties daarom dringend aan bovenbedoeld voornemen, indien dit inderdaad mocht bestaan, geen gevolg te geven.’

Louis Frequin, op een later moment, in gesprek met de Arnhemse burgemeester Chris Matser (rechts).

Wij willen graag bekennen dat we na de eerste lezing van dit epistel een moment verbijsterd zijn geweest met het gevoel of we in een generaliteitsland leefden. Temeer waren we verbijsterd, omdat de kerkeraden geen bezwaar tegen den persoon van den heer Matser hebben noch tegen de wijze waarop hij het burgemeestersambt heeft waargenomen. Zij hadden enkel bezwaren tegen zijn …. Katholiciteit. Die bezwaren krijgen de heren scribae en hun kerkeraden overigens pas nu de officiële benoeming moet komen. Sedert den tijd der bevrijding, dus een jaar lang, dat de heer Matser als geen andere burgemeester in Nederland een ontredderde, bevuilde, geplunderde en een bovendien nog zwaar getroffen en geëvacueerde stad uit deze matelooze ellende omhoog haalde, hebben de heeren geen last van hun ziekelijke scrupules gehad. Integendeel. Zij hebben evengoed als ieder ander geweten, dat de heer Matser een werk verzet heeft, hetwelk alleen maar respect kan afdwingen. Niets was hem teveel. Hij vloog naar Engeland, reisde naar Zwitserland, confereerde, handelde, deed zaken en de leege, doode stad van een jaar terug, leeft meer dan welke stad in Nederland ook. De menschen wonen er weer. Honderd duizend moesten teruggevoerd worden, in een stad, die vol mest en puin lag. Er rijden weer bussen, de Schouwburg wordt bespeeld,  de A.O.V. concerteert, er wordt gebouwd, gewinkeld, kortom, als er ergens in Nederland van ‘er zit schot in’ kan worden gesproken, dan is dat in Gelre’s hoofdstad. En dit dank zij den man, die ondanks dat hij katholiek is, bergen werk heeft verzet en getoond heeft een man en magistraat te zijn, waaraan wij in dezen tijd behoefte hebben. Geen parade-figuur, die uit hoofde van afkomst in deze functie werd gerangeerd, maar een man, die begreep, dat het om puinruimen ging en het weer opbouwen van een geteisterde stad. Dat hebben de heeren van de kerkeraad een jaar lang geweten, maar nu het puin is geruimd, de mest is weggekruid en de eerste vruchten van een jaar ongelooflijk harden arbeid zichtbaar worden, nu kan de katholiek gaan met de boodschap, dat hij niet past in de zoogenaamde liberaal-protestantsche hoofdstad van Gelderland.

*

Wij begrijpen overigens niet waar de heeren leden van de kerkeraad de misselijke moed vandaan halen nota bene bij H.M. de Koningin te ageeren tegen een katholiek als burgemeester van Arnhem. Wanneer Gelre’s hoofdstad een protestantse stad was zouden wij voor dit geïntrigeer nog eenig begrip kunnen hebben. Maar Arnhem is niet protestant. Het is voor éénderde katholiek, nl. 31.5 % volgens de stemmen van de jongste statenverkiezing, waarbij de talrijke kinderen uit de katholieke gezinnen nog niet zijn meegeteld. De protestante partijen halen met elkaar maar 16.02 %, en dat durft dan zoo’n brief te schrijven. Met welk recht? Hebben de katholieken in Gelderland de onbeleefdheid gehad om bij H.M. de Koningin, den minister President en den minister van Binnenl. Zaken te protesteeren, toen er de niet-katholieke Jhr. Quarles van Ufford tot commissaris benoemd werd, terwijl de katholieken in Gelderland 33,24 % uitmaken? Neen natuurlijk!

Wij willen het hier voorlopig bij laten en veronderstellen, dat zoowel H.M. de Koningin als de minister van den Kroon dit onbehoorlijke en voor de katholieken krenkende schrijven naast zich neer zullen leggen.

Bovendien staat het vast, dat de kerkeraden heelemaal niet spreken namens al degenen, die zij aanvoeren. Talrijke niet-katholieken zouden een benoeming van den heer Matser, die getoond heeft de juiste man op de juiste plaats te zijn, toejuichen.

En laten onze protestantse broeders het zich voor gezegd houden, dat de tijd zoo langzamerhand voorbij gaat, dan men katholieken ongestraft onmondig kon verklaren. Bovendien moeten zij begrijpen, dat juist deze tijd samenwerking op grond van beginsel noodzakelijk maakt.

 

(Frequin liet De Gelderlander van 1 juni 1946 met dit artikel bezorgen bij koningin Wilhelmina. Enkele dagen na deze publicatie trok de Gereformeerde kerkeraad haar steun aan de gewraakte brief in. Een lid van die kerkeraad zou op eigen houtje hebben meegetekend. Drie weken later kwam de benoeming van Chris Matser tot burgemeester van Arnhem af. LvdG)

Geef een reactie